Eindhovense marketing: met Eindhoven wordt flink geflirt

inbound marketing“Toch echt vreemd dat het me niet zoveel doet dat Philips stopt met shirtsponsoring. Hoe komt dat mensen?” Marc Dubach verbaast zich op Twitter erover dat hij als bevlogen PSV-fan niet echt geraakt wordt door het besluit van Philips om PSV na maar liefst honderd jaar niet langer te sponsoren. Honderd jaar terug deed de toen 5-jarige Frits Philips symbolisch de aftrap van de eerste wedstrijd, en sinds die tijd hebben ze samen wereldwijd de langste sponsorrelatie onderhouden. Tot voor kort dan. Zelf heb ik niks met voetbal, maar ik zag wel de symboliek. En Marc verwoordde het mooi. Want Eindhoven heeft niemand nodig. En Eindhoven heeft haar eigen marketing.

Met Eindhoven wordt geflirt

“In Amsterdam kunnen onze managers hun werk beter doen. De personele omstandigheden zijn er gewoon beter. Er is meer kennis voorhanden.” Het is september 1997, en Eindhoven is in shock. Want de directie van Philips besluit, onder de leiding van Cor Boonstra, om het hoofdkantoor naar een stad te verhuizen waar het ‘belangrijkste werk’ blijkbaar beter gedaan kan worden. En waar blijkbaar ook de marketeers beter werk kunnen leveren. Philips laat nog wel een nieuw kenniscentrum achter in de vorm van de High Tech Campus, maar dat noemt de FNV een ‘fopspeen’.
Maar niemand houdt het vertrek tegen, de scheiding is onvermijdelijk. Eindhoven komt uit verschillende onderzoeken in de jaren daarna ook nog naar voren als ‘minst aantrekkelijk’, dat kan er dan ook nog wel bij. Eindhoven als de verslonsde vrouw die zojuist heeft gehoord dat haar succesvolle man bij haar weg wil, en in de spiegel ziet waarom.
Hoe anders is de situatie nu, ruim 15 jaar later. Met Eindhoven wordt flink geflirt, en blijkt op verschillende ranglijstjes ‘de mooiste’. Niet alleen in Nederland op economisch en creatief vlak, maar ook internationaal: volgens Forbes de ‘most inventive city’, en volgens het ICF de ‘slimste regio van de wereld’. De High Tech Campus bleek veel méér dan een fopspeen, en ook met de ontwikkeling van Strijp-S (en daarna T,R,I,J en P blijkbaar) is Eindhoven wereldwijd toonaangevend in het herontwikkelen van oude industriegebieden. De manier waarop dit gebied niet gerenoveerd maar geïncarneerd is, trekt wekelijks vele geïnteresseerden vanuit de hele wereld (die daar ook door Marc Dubach worden rondgeleid).
En toen ik op die inspirerende locatie bij Seats2Meet een artikel van De Correspondent over marketing zat te lezen, viel bij mij het kwartje: ook op het gebied van Marketing hoeft Eindhoven zich niet langer de underdog te voelen.

Wat we van Amsterdamse marketing kunnen leren

“Terwijl de toekomst in Eindhoven wordt gemaakt en in Rotterdam verscheept, wordt hij in Amsterdam aan de man gebracht.” Zomaar een quote uit een interessant artikel van De Correspondent over de ‘imago-economie’ waarin wij leven. En het klinkt nog vrij logisch ook. Maar los van het feit dat de maakindustrie rond Eindhoven vooral vrachtwagens gebruikt om haar producten te vervoeren, hebben we volgens mij Amsterdam ook niet nodig om ze ‘aan de man’ te brengen. Want het idee dat je producten ‘aan de man’ moet brengen is al erg gedateerd. En nee dan heb ik het niet over het feit dat er ook vrouwen zijn, ik heb het over het feit dat onze hersenen steeds beter in staat zijn om (‘Amsterdamse’) marketing te negeren, en dat onze koopprocessen steeds vaker bij Google beginnen. Zeker in de B2B, waar inkopers geacht worden zich te verdiepen in de soms erg dure en complexe producten die ze kopen, is Google het vaste koopmaatje. En laten de meeste bedrijven rond Eindhoven nou B2B-bedrijven zijn, veel vaker technisch georiënteerd dan in de rest van Nederland. En dus op zoek naar kennis, niet op zoek naar ‘aan de man breng’ activiteiten als advertenties of cold calls van verkopers. En dat betekent een hele andere marketing, marketing die perfect bij Eindhoven past.

Op 30 juni vertel ik op de High Tech Campus bij het evenement ‘The Digital Future of B2B’ wat Inbound Marketing is en waarom deze vorm van marketing bij Eindhoven past. Ik doe daar ook een oproep, en geef mijn antwoord op de vraag van Marc Dubach. En natuurlijk wordt deze blog daarna afgerond.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *